De huurder wil een zonnetent plaatsen op het terras van het gehuurde pand. Wat op het einde van de huur?
Een zonnetent kan je terras comfortabeler maken, maar wie betaalt, wie beslist, en wat gebeurt er aan het einde van de huur? Het antwoord hangt af of er in de woninghuurovereenkomst al dan afspraken werden gemaakt tussen de huurder en verhuurder.
Het staat partijen vrij om hierover afspraken op te nemen in de woninghuurovereenkomst. Zo kunnen zij bijvoorbeeld geldig bedingen dat veranderingswerken alleen mogen worden uitgevoerd met voorafgaand schriftelijk akkoord van de verhuurder, dat de uitgevoerde veranderingen of verbeteringen bij het einde van de huur automatisch aan de verhuurder toekomen zonder enige vergoeding, of dat de verhuurder de huurder juist moet vergoeden voor de werken die hij behoudt.
Het is verstandig om in de huurovereenkomst duidelijke afspraken te maken over verbouwings-, verbeterings- en verfraaiingswerken en een vergoedingsregeling bij het einde van de huur. Indien er tussen partijen niets contractueel is voorzien wordt er op de regeling van het gemeen recht teruggevallen.
Geen contractuele afspraken
Als algemeen principe geldt dat het de huurder toegestaan is om kleine werken uit te voeren, teneinde het gehuurde goed aan te passen aan zijn persoonlijke behoeften, of aan de gebruiken van het hedendaags comfort. Wat het recht op vergoeding voor deze werken betreft, moet een onderscheid worden gemaakt naargelang de werken al dan niet wegneembaar zijn.
- Indien het wegneembare werken betreft, heeft de verhuurder de keuze om de werken te behouden, dan wel de verwijdering door de huurder te vorderen. Kiest de verhuurder ervoor om de werken te behouden, dan zal hij hiervoor wel een vergoeding verschuldigd zijn aan de huurder.
- Niet-wegneembare werken zijn werken zijn werken die in het verhuurde goed zijn geïncorporeerd en die niet kunnen worden verwijderd zonder het toebrengen van schade aan het verhuurde goed. Over de mogelijkheid om een vergoeding te bekomen voor dergelijk type werken, wordt overwegend aangenomen dat de huurder een vergoeding kan bekomen voor de noodzakelijk en nuttige uitgaven, maar niet voor luxe-uitgaven of uitgaven die slechts en subjectief nut voor de huurder hebben (bijvoorbeeld airco of ventilatiesysteem).
Duidelijke schriftelijke afspraken over toestemming, behoud of verwijdering van de zonnetent en eventuele vergoedingen zorgen voor rechtszekerheid voor zowel huurder als verhuurder.