OESO-rapport: Vlaanderen moet drie keer sneller renoveren
In België staat meer dan de helft van de woningen in de drie laagste energieklassen. Dat schrijft de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) in haar Economische Studie over België, die op 3 november 2026 verscheen. Om de klimaatdoelen voor 2050 te halen, moet het renovatietempo volgens de studie in Vlaanderen verdrievoudigen en in Wallonië en Brussel zelfs vervierdubbelen.
In het hoofdstuk over klimaat en gebouwen stelt de OESO vast dat de Belgische gebouwen energie-intensiever zijn dan in veel andere OESO-landen. Ongeveer 5 procent van de bevolking kan zijn woning niet verwarmen en 14 procent woont in een slecht geïsoleerde woning (cijfers van Eurostat). Meer dan de helft van de woningen zit in de drie laagste energieklassen, met opvallende verschillen tussen de gewesten.
Alle gewesten hebben renovatiedoelen en -verplichtingen en geven gratis renovatieadvies, maar het renovatietempo blijft laag. Dat tempo moet drie keer hoger in Vlaanderen en vier keer hoger in Wallonië en Brussel om koolstofneutraliteit in 2050 te halen. De OESO waarschuwt ook dat veel renovaties maar beperkte verbeteringen en besparingen opleveren, en dat de gemiddelde kostprijs van een diepe renovatie rond 80.000 euro ligt. Ze pleit voor duidelijkere renovatietrajecten, meer nadruk op koolstofarme verwarming voor woningen met een gemiddelde prestatie, en steun die gericht is op huishoudens met een laag inkomen.
Extra uitdagingen voor appartementsgebouwen
De OESO besteedt ook bijzondere aandacht aan renovaties in gebouwen met meerdere eigenaars. De noodzaak om collectief beslissingen te nemen, leidt volgens het rapport vaak tot vertragingen en uitgestelde investeringen.
Om renovaties te versnellen, stelt de organisatie onder meer voor om langetermijnrenovatieplannen en reservefondsen geleidelijk te verplichten. Daarnaast pleit ze voor aangepaste financieringsmogelijkheden, professionele projectbegeleiding en soepelere stemregels voor renovatiebeslissingen binnen mede-eigendommen.
Het zijn aanbevelingen aan de overheden, geen nieuwe regels. De studie wijzigt niets aan de bestaande verplichtingen in Vlaanderen.