Nieuwe vastgoedbelastingen dreigen betaalbaar wonen verder onder druk te zetten
Vastgoedfederatie CIB reageert scherp op de politieke voorstellen om de registratierechten voor woningen boven 500.000 euro te verhogen en eigenaars van een bijkomende woning zwaarder te belasten. Volgens CIB dreigt de overheid opnieuw de woningmarkt als fiscale melkkoe te behandelen. Dat is niet alleen nefast voor het vertrouwen van kopers en investeerders, maar zal ook rechtstreeks wegen op de betaalbaarheid van wonen.
“De woningmarkt heeft nood aan meer aanbod en voorspelbaar beleid, niet aan telkens nieuwe fiscale ingrepen. Wie vandaag een woning koopt, verkoopt of verhuurt, moet erop kunnen vertrouwen dat de spelregels niet voortdurend veranderen. Als de overheid wonen telkens duurder maakt, moeten we niet verbaasd zijn dat wonen ook effectief duurder wordt.”, zegt CIB-communicatiedirecteur Kristophe Thijs.
Vlaamse plannen raken ook gewone gezinnen
In Vlaanderen ligt een verhoging van de registratierechten voor woningen boven 500.000 euro op tafel. Dat is een opvallende koerswijziging, nadat het tarief voor de enige eigen woning de voorbije jaren stapsgewijs werd verlaagd tot 2 procent.
“De overheid heeft kopers eerst aangemoedigd om opnieuw vertrouwen te krijgen in de woningmarkt en verlaagt de registratierechten. Nu wordt alweer een nieuwe drempel opgeworpen. Dat is geen stabiel woonbeleid. Het zijn kopers die uiteindelijk de rekening betalen”, stelt CIB.
Ook de grens van 500.000 euro is volgens CIB geen betrouwbare maatstaf voor wat een ‘dure’ of ‘luxe’ woning is. Een woning van 500.000 euro is in de ene gemeente een totaal ander product dan in de andere. Voor een gezin dat in een dure regio een woning zoekt in de buurt van het werk, de school van de kinderen of het bestaande sociale netwerk, is dat niet noodzakelijk een luxewoning. Een fiscale drempel die geen rekening houdt met regionale prijsverschillen, treft dus ook gewone gezinnen.
CIB waarschuwt bovendien voor een bredere impact: wie vandaag tegen zijn maximale budget aanleunt, zal door bijkomende aankoopkosten minder kunnen besteden aan de woning zelf. Een hogere belasting op de aankoop maakt de toegang tot eigendom niet eenvoudiger.
Federale belasting dreigt huurmarkt te raken
Ook het federale voorstel om eigenaars van een bijkomende woning zwaarder te belasten, baart CIB zorgen.
Bij een ‘tweede woning’ wordt al snel gedacht aan een vakantiewoning of een luxeappartement. Maar een bijkomende woning kan evengoed een appartement zijn dat door een eigenaar op de private huurmarkt wordt aangeboden. En precies daar dreigt volgens CIB een bijzonder kwalijke dynamiek te ontstaan.
“Je kan niet tegelijk betaalbaar huren nastreven en het aanbod van huurwoningen fiscaal minder aantrekkelijk maken. Minder aanbod en meer kosten leiden niet tot lagere huurprijzen. Integendeel.”
De private huurmarkt staat vandaag al onder druk. Een bijkomende fiscale last kan eigenaars ertoe aanzetten om niet langer te investeren in huurwoningen, een bestaande huurwoning te verkopen of de bijkomende kosten door te rekenen. In alle gevallen dreigt de huurder uiteindelijk mee de rekening te betalen.
Betaalbaar wonen wordt niet bereikt door wonen zwaarder te belasten
“Wij begrijpen dat overheden moeilijke begrotingskeuzes moeten maken. Maar de oplossing voor een begrotingstekort kan niet telkens opnieuw bij de woningmarkt worden gezocht”, aldus Thijs.
Wonen is geen fiscale jackpot. Het gaat over de plek waar mensen leven, gezinnen opbouwen en kinderen grootbrengen. Als de overheid de aankoop van een woning duurder maakt én tegelijk investeringen in huurwoningen minder aantrekkelijk maakt, raakt dat precies de mensen die vandaag al moeite hebben om een betaalbare woning te vinden.
Volgens CIB dreigt bovendien een vicieuze cirkel: hogere belastingen verhogen de kosten, hogere kosten drukken de vraag of ontmoedigen investeringen, een beperkter aanbod verhoogt de druk op de markt en uiteindelijk betalen kopers en huurders de prijs.
“Wie betaalbaar wonen ernstig neemt, moet eerst kijken hoe we meer woningen op de markt krijgen. Je kan niet aan de ene kant zeggen dat wonen betaalbaar moet blijven en aan de andere kant systematisch de kosten op aankoop en verhuur verhogen. Dat beleid botst met zichzelf.”
CIB vraagt duidelijke keuzes
CIB roept de Vlaamse en federale regering daarom op om de voorstellen niet louter te bekijken vanuit hun mogelijke begrotingsopbrengst, maar de volledige impact op de woningmarkt in rekening te brengen: op de betaalbaarheid voor kopers, het investeringsklimaat, het aanbod van huurwoningen en uiteindelijk de huurprijzen. We hebben nood aan meer aanbod, langetermijnzekerheid en een fiscaal kader waarin mensen opnieuw durven investeren. Elke nieuwe fiscale maatregel zonder die bredere impactanalyse is onverantwoord woonbeleid.