Nieuw onderzoek: makelaars selecteren objectiever dan particuliere verhuurders
Uit nieuwe praktijktesten van onderzoekers van UHasselt en VUB blijkt dat kandidaat-huurders met een Turkse naam in Limburgse mijngemeenten minder vaak worden uitgenodigd voor een plaatsbezoek dan kandidaten met een Belgische naam. Tegelijk tonen de resultaten aan dat vastgoedmakelaars duidelijk objectiever selecteren dan particuliere verhuurders.
Voor het onderzoek werden bijna 400 praktijktesten uitgevoerd. Daarbij reageerden twee fictieve kandidaten op dezelfde huuradvertentie: één met een Turkse naam en één met een Belgische naam. Hun profiel was identiek, enkel de naam verschilde.
In totaal kreeg de kandidaat met de Belgische naam in 34% van de gevallen een uitnodiging, tegenover 24% voor de kandidaat met de Turkse naam. Dat betekent dat kandidaten met een Turkse naam 29% minder kans hebben op een plaatsbezoek.
Makelaars scoren duidelijk beter
Wanneer gekeken wordt naar het type verhuurder, vallen duidelijke verschillen op.
Bij particuliere verhuurders is de kloof het grootst:
- 43% van de verhuurders nodigden de kandidaat met de Belgische naam uit,
- slechts 21% van verhuurders nodigden de kandidaat met de Turkse naam uit.
Bij vastgoedmakelaars ligt het verschil aanzienlijk lager:
- 30% uitnodigingen voor de kandidaat met de Belgische naam,
- 25% voor de kandidaat met de Turkse naam.
Volgens de onderzoekers wijst dit erop dat professionele bemiddeling helpt om objectiever te selecteren. Makelaars zijn doorgaans beter opgeleid, kennen de antidiscriminatieregels en hanteren vaker gestructureerde selectiecriteria.
Krappe huurmarkt speelt rol
De onderzoekers stellen vast dat de discriminatiekloof de afgelopen jaren groter is geworden. In 2021 hadden kandidaten met een Turkse naam nog 16% minder kans op een plaatsbezoek, vandaag is dat 29%.
De krappe huurmarkt speelt daarbij een belangrijke rol. Door het beperkte aanbod kunnen verhuurders selectiever zijn, waardoor vooroordelen sneller meespelen.
Geen verschil op basis van inkomen
Opvallend is dat er in de Limburgse mijngemeenten nauwelijks verschil is tussen kandidaten met een loon en kandidaten met een werkloosheidsuitkering. Dat staat in contrast met andere steden, waar inkomen vaak wel een rol speelt. Volgens de onderzoekers kan het historische arbeiderskarakter van de regio dat verklaren.
Blijven inzetten op sensibilisering
Lokale besturen erkennen dat huurdiscriminatie nog voorkomt en blijven inzetten op sensibilisering en ondersteuning. Zo organiseren steden infosessies voor verhuurders en huurders, opleidingen voor makelaars en kunnen meldingen gebeuren via het Woonloket. Daarnaast wordt ook verder geïnvesteerd in bijkomende sociale woningen.
Bron: vrt nws